Hoe regionale luchthavens worstelen met de gevolgen van stijgende brandstofkosten

De zware druk op regionale luchthavens in europa

De regionale luchthavens in Europa hebben het de laatste tijd niet makkelijk. De oorlog in het Midden-Oosten zorgt voor flinke schommelingen in de brandstofprijzen, en dat raakt deze kleinere vliegvelden extra hard. Terwijl grote luchthavens nog enigszins herstellen van de coronapandemie, blijven de regionale luchthavens achter. Het passagiersaantal ligt daar nog altijd ruim 30 procent onder het niveau van 2019. Dat is een flinke achterstand die moeilijk in te halen is, vooral nu de kosten blijven stijgen.

Brandstofprijzen die de luchtvaart onder druk zetten

De prijs voor vliegtuigbrandstof is flink omhoog gegaan. Dat klinkt als iets waar alleen de luchtvaartmaatschappijen last van hebben, maar het effect is veel breder. Hogere brandstofkosten betekenen hogere vliegtarieven. Dat zorgt ervoor dat minder mensen bereid zijn om te vliegen, zeker op routes die al wat minder populair zijn. Dit raakt vooral de regionale luchthavens, omdat hun routes vaak gevoeliger zijn voor prijsveranderingen. De luchtvaartmaatschappijen kijken dan ook kritisch naar welke vluchten winstgevend zijn en welke niet.

Minder vluchten voor de kleinere luchthavens

Het gevolg is dat luchtvaartmaatschappijen vluchten schrappen, vooral die van en naar regionale luchthavens. Lufthansa kondigde bijvoorbeeld aan dat ze tot oktober 20.000 korteafstandsvluchten gaan schrappen om brandstof te besparen. Ook KLM doet mee in deze trend en heeft al 160 vluchten van en naar Schiphol geschrapt. Die ingrepen zijn niet zomaar; ze zijn nodig omdat bepaalde routes simpelweg niet meer rendabel zijn door de hoge kerosinekosten. Dit betekent dat passagiers die normaal via een regionale luchthaven zouden vliegen, vaker moeten uitwijken naar grotere luchthavens of zelfs helemaal niet vliegen.

Tweedeling tussen grote en kleine luchthavens wordt groter

Sinds corona is er een duidelijke kloof ontstaan tussen grote en kleine luchthavens. Terwijl de grote luchthavens hun passagiersaantallen met ruim 16 procent zagen toenemen ten opzichte van 2019, blijft het bij de kleinere regionale luchthavens stil. De stijgende brandstofprijzen en de dreiging van een nieuwe kostencrisis voor consumenten maken het er niet makkelijker op. Voor veel regionale luchthavens is dit zelfs een existentiële bedreiging. Ze moeten niet alleen concurreren met grotere luchthavens, maar ook met de stijgende operationele kosten en de afnemende vraag.

Wat betekent dit voor reizigers en de luchtvaartsector?

Voor reizigers betekent deze situatie dat ze minder keuze hebben als ze via een regionale luchthaven willen vliegen. Vluchten worden minder frequent of verdwijnen zelfs helemaal. Dat is niet alleen vervelend, het kan ook betekenen dat je verder moet reizen naar een grote luchthaven, wat extra tijd en kosten met zich meebrengt. Voor de luchtvaartsector als geheel is het een teken dat er ingegrepen moet worden om de regionale luchthavens te ondersteunen. Zij zijn immers belangrijk voor de bereikbaarheid van kleinere steden en regio’s, en ze stimuleren het toerisme en de lokale economie.

Oproep voor beleidsveranderingen en tijdelijke maatregelen

ACI Europe, de belangenorganisatie van Europese luchthavens, maakt zich ernstig zorgen. Zij pleiten voor snelle en gerichte beleidsmaatregelen om de druk op de luchtvaart en vooral op de regionale luchthavens te verlichten. Een van hun belangrijkste punten is het direct opschorten van nationale luchtvaartbelastingen. Deze belastingen maken vliegen duurder en drukken extra op de marges van luchtvaartmaatschappijen, die daardoor sneller vluchten schrappen.

Daarnaast waarschuwt ACI Europe voor problemen die deze zomer gaan ontstaan door het nieuwe Schengen-in- en -uitreissysteem, het Entry/Exit System (EES). Dit systeem zorgt voor extra grenscontroles, wat leidt tot langere wachttijden, vooral op regionale luchthavens die populaire vakantiebestemmingen bedienen. ACI Europe vraagt daarom ook om een opschorting van het EES in drukke periodes, zodat wachttijden beheersbaar blijven en reizigers niet worden afgeschrikt.

Hoe kan het beter voor regionale luchthavens?

Vanuit mijn ervaring in de luchtvaartsector weet ik dat regionale luchthavens vaak net dat beetje extra aandacht en flexibiliteit nodig hebben. Het schrappen van vluchten is logisch vanuit economisch oogpunt, maar het is ook kortzichtig als het gaat om de lange termijn. Deze luchthavens verbinden regio’s en zorgen voor een spreiding van het verkeer, wat ook de druk op grote hubs vermindert.

Beleid dat regionale luchthavens ondersteunt, zoals belastingverlagingen en soepelere grensprocedures, helpt niet alleen de luchtvaartmaatschappijen, maar uiteindelijk ook de reizigers en de lokale economie. Het is een kwestie van het juiste evenwicht vinden tussen kostenbesparing en bereikbaarheid. Zonder deze steun zie ik helaas dat sommige regionale luchthavens het niet gaan redden, en dat is zonde voor heel Europa.

De komende tijd zal duidelijk worden hoe de luchtvaartsector en beleidsmakers met deze uitdagingen omgaan. Voor nu geldt dat het belangrijk is om oog te houden voor de kwetsbare regionale luchthavens en niet alleen te focussen op de grote spelers. Die kleine vliegvelden zijn immers vaak de poort naar minder bereikbare gebieden en dragen bij aan een gezond en gevarieerd netwerk binnen Europa.

Geef een reactie